Een presentatie geven is voor veel mensen moeilijk, of zelfs doodeng.  Mirthe Schouten, training & development specialist bij Robert Walters en Walters People, heeft veel ervaring met het geven van presentaties en geeft regelmatig presentatietrainingen. Vorige week hostte zij de webinar ‘presentatietips van een pro’. In dit artikel beantwoordt Mirthe de vragen die deelnemers stelden tijdens de webinar.

1. Wat doe ik met mijn handen voor de presentatie begint?

‘Dit is iets waar veel mensen moeite mee hebben. Er zijn verschillende houdingen die je kunt aannemen tijdens het presenteren. Sommige mensen nemen de ‘admiraalshouding’ aan: handen achter de rug. Dit kan in sommige situaties, maar is vrij officieel. Mijn advies is: houd je handen voor je start met je presentatie ontspannen langs je lichaam. Dit is de rusthouding. Vind je dit ongemakkelijk, neem dan de ‘nieuwslezer-houding’ aan: houd je handen op elkaar voor je buik. Wanneer je begint met vertellen, begin je je handen te gebruiken om je verhaal kracht bij te zetten.’

2. Wat moet je doen als je trillende handen hebt?

‘Trillende handen zijn een vervelend probleem. Je kunt ze niet zomaar wegtoveren. Als je trillende handen hebt, probeer ze dan op elkaar te leggen als je zit, of langs je lichaam te houden als je staat. Wanneer je begint met presenteren, ontspan je meestal vanzelf. Maak contact met je publiek: je zult zien dat zij het niet erg vinden als je zenuwachtig bent, maar juist met je meeleven.’

3. Hoe ga je om met spanning?

‘Spanning zit in je hoofd. En je gedachten hebben effect op je lichaam, dus die spanning ga je voelen: hoge adem, trillende handen, zweten. Wil je echt iets doen met die spanning, dan moet je dus je gedachten beïnvloeden. Overtuig jezelf dat het minder spannend is dan je denkt. Wanneer je bijvoorbeeld bang bent dat je je verhaal kwijtraakt en moet zoeken naar woorden, vraag je dan af wat het ergste is dat er kan gebeuren. Je bent even stil en je publiek moet even wachten. Stel jezelf voor dat je in het publiek zit: zou jij dat zelf erg vinden? Of zou je sympathie voelen voor degene die presenteert?

Dit geldt ook voor een sollicitatie. Stel voor jezelf vast dat je gaat laten zien wie je bent en wat je weet. Word je afgewezen? Dan ben je blijkbaar niet de juiste match. Niet alleen jammer voor jou, maar ook voor hen. En je wordt echt niet afgewezen alleen omdat je even niet uit je woorden komt of niet direct het antwoord op een vraag weet.’

4. Hoe houd je de aandacht van je publiek vast?

‘Hierbij zijn twee dingen belangrijk: het verhaal in je visuele presentatie – bijvoorbeeld je powerpoint slides - en het verhaal dat je vertelt. Zorg ten eerste dat er niet teveel tekst op je slides staat. Je publiek gaat dan lezen in plaats van luisteren. Houd het dus bij bulletpoints en gebruik ze alleen als leidraad bij je verhaal.

Ten tweede: vertel levendig. Houd energie in je stem en maak je verhaal persoonlijk. Ik geef regelmatig trainingen over presenteren, waarbij ik altijd verhalen vertel over mijn persoonlijke ervaringen. Dan komt het onderwerp echt tot leven. Of vertel waarom jouw verhaal relevant is voor je publiek. Maak het urgent voor de luisteraar.’

5. Hoeveel slides zet je in je presentatie?

‘Dit verschilt per presentatie en is afhankelijk van het thema en het doel van de presentatie. Bij een slide met 5 bullet points sta je misschien langer stil dan bij een slide met een grafieken. Ik had voor mijn webinar 24 slides voor een presentatie van een uur. Zo had ik per slide drie tot vier minuten om mijn verhaal te vertellen. Meer slides staat niet gelijk aan een goede presentatie: je vertelt dezelfde hoeveelheid informatie, maar gebruikt een dubbele hoeveelheid slides. Zo wordt je verhaal heel gehaast, maar een presentatie moet niet als een wedstrijd voelen.’

6. Hoe hou je een druk publiek rustig?

‘Tijdens de trainingen en lessen die ik heb gegeven is het ook wel eens gebeurd dat de aandacht van het publiek verslapte. Als dit gebeurt, probeer dan eerst de aandacht terug te pakken. Lukt dit niet, benoem dan wat je ziet, maar verbind hier geen conclusie aan. Zeg bijvoorbeeld niet ‘ik zie dat jullie het niet snappen’, maar ‘ik zie jullie fronsen, ik zal het nogmaals uitleggen’. Benoem letterlijk wat je ziet en betrek mensen zo weer bij je verhaal.’

7. Wat is het verschil tussen een ‘live’ presentatie en een online presentatie?

‘Bij een online presentatie zit je niet in dezelfde ruimte als je luisteraars. Dit zorgt ervoor dat je minder makkelijk een connectie maakt met je publiek. Zij kunnen je helemaal niet zien, of alleen je hoofd en schouders, waardoor ze je lichaamstaal minder goed kunnen lezen. Daarom is het goed om extra aandacht te besteden aan datgene wat je luisteraars wel kunnen zien en horen. Zorg bijvoorbeeld dat je recht voor de camera staat, en kijk in zoveel mogelijk in de lens. Wees je er ook van bewust dat je handen niet in beeld zijn, waardoor je je verhaal minder goed kracht kunt bijzetten. Gebruik daarom goed je gezichtsmimiek.’

Wat als je helemaal niet zichtbaar bent en bijvoorbeeld alleen slides laat zien? Benoem die limitatie dan, en vertel wat je gaat doen om je verhaal toch goed over te brengen. Zo weten je luisteraars wat ze kunnen verwachten. Praat ook meer over wat je uitlegt. Ik laat bijvoorbeeld normaal gesproken handgebaren zien, maar in de webinar moest ik deze verbaal beschrijven. Daarnaast is je stemgeluid extra belangrijk. Een tip is om te glimlachen op momenten dat je dit in een face-to-face gesprek ook zou doen. Het klinkt misschien gek, maar dit horen je luisteraars, ondanks dat ze je niet kunnen zien.’

8. Wat voor houding neem je aan tijdens een sollicitatiegesprek?

‘Tijdens een sollicitatiegesprek zit je meestal, dus is je houding iets anders dan wanneer je presenteert. Belangrijk is dat je jezelf niet blokkeert, door bijvoorbeeld zowel je armen als je benen over elkaar te slaan. Dit is een zeer gesloten houding waarmee je het signaal afgeeft dat je je niet op je gemakt voelt. Zo creëer je een afstand tussen jezelf en je gesprekspartner. Probeer dus ontspannen te zitten met je schouders naar beneden en je handen op de tafel.’

9. Kun je humor gebruiken in je presentatie?

‘Dit kan zeker, maar het is hierbij belangrijk om in de gaten te houden hoe je publiek erop reageert. Humor is heel persoonlijk en het is makkelijk om de plank mis te slaan. Vraag je  ook af of het bij jou past om humor te gebruiken. Je wilt voorkomen dat het geforceerd overkomt, want dan werkt het niet.’

10. Is het een goed idee om vragen te stellen aan je publiek?

‘Het is altijd goed om te zorgen voor interactie tijdens je presentatie. Zo houd je je publiek geboeid en voorkom je rumoer. Zelfs als je een groot publiek hebt, waardoor het niet echt mogelijk is voor hen om je vraag te beantwoorden, is het goed om vragen te stellen. Want: dit zet je publiek aan tot nadenken. En als ze nadenken, letten ze op. Zo is je publiek automatisch meer betrokken bij je presentatie.’

Wil je meer weten?

Heb je de webinar Presenteren als een pro gemist? Bekijk de webinar hier terug of geef je op voor een van onze aankomende webinars

Op zoek naar een baan? Bekijk onze vacatures of neem contact op via netherlands@walterspeople.nl.

Carrière advies

»

Bij ons werken

»